Karstens column in het Dagblad van het Noorden - 4 september 2008

Salamanca

Veel Spanjaarden zijn verbaasd dat ik een beetje Spaans spreek, en dat is misschien ook niet zo voor de hand liggend voor een Nederlandse wielrenner. Toen ik 15 was ben ik samen met mijn toenmalige ploeggenoot Pim van der Haar in de zomervakantie drie weken in Salamanca geweest om daar een cursus Spaans te volgen. En daar heb ik blijkbaar nog het een en ander van onthouden. Er zijn nogal wat Spanjaarden in het peloton dus het komt nog wel eens van pas.

Aan het einde van deze Vuelta komen we in de buurt van Salamanca, wat niet ver van de Portugese grens ligt. Het schijnt dat hier het zuiverste Spaans wordt gesproken, daarom worden er in deze stad ook veel talencursussen georganiseerd. Ik kan me nog goed herinneren dat we in Salamanca een weekend vrij waren van school en dat we het plan op hadden gevat om de hoogste berg in de omgeving te gaan beklimmen. Ook al was ik nog maar 15 jaar, ik beschouwde mezelf toch al als wielrenner en dus had ik mijn wielrenfiets meegenomen.

Na een enerverende bus/liftreis (wat eigenlijk weer een verhaal apart is) kwamen we zaterdagavond net voor het donker aan in Béjar. Het was hartje zomer en vreselijk warm in het binnenland van Spanje, dus wij dachten gewoon in de openlucht te kunnen slapen. Net buiten Béjar reden we een landweggetje in en installeerden we ons achter een gestapeld stenen muurtje. Toen het donker werd begon het ineens toch ineens stervenskoud te worden! We hadden een minimum aan kleding mee want alles moesten we meesjouwen in ons rugzakje. Pim had echter de oplossing: Hij had Red Hot massagebalsem bij zich (merkwaardig maar goed) en daar gingen we ons dus mee insmeren om het warm te krijgen. Helaas, dat hielp dus niet tegen de kou maar begon alleen ontzettend te jeuken.

Om een uur of 4 ’s nachts was ik eindelijk in slaap gevallen toen ik wakker werd van een hels kabaal. Pim was wild om zich heen aan het slaan met een stok en riep: “Een slang! We worden aangevallen door een slang!” Ik was net wakker en sloeg in het pikdonker ook volledig in paniek. Toen ik helder na kon denken kon ik hem er eindelijk van overtuigen dat er geen slang was, de nacht was echter kort. De volgende morgen aten we onze meegenomen boterhammen op en gingen we onderweg naar de 1732 meter hoge Sierra de la Peña de Francia. Voor de statistieken: Pim van der Haar was als eerste boven.


Deze column schreef Karsten in het Dagblad van het Noorden

Terug naar index columns 2008


Wil je reageren, schrijf dan in het gastenboek