Karstens column in het Dagblad van het Noorden - 19 juni 2008

Service

In het wielrennen heb je geen scheidsrechter die alles in de gaten kan houden zoals bij voetbal. In het voetbal zijn er duidelijke regels die ook vrij makkelijk nageleefd kunnen worden, het veld is nu eenmaal niet zo groot. Maar tijdens een koers ligt dat niet zo gemakkelijk. Natuurlijk is er tijdens een wielerkoers jury, maar die rijdt voor en achter het peloton, niet erin. In de bikkelharde wereld van broodfietsers is het belangrijk dat je je aan bepaalde fatsoensnormen houdt anders wordt je binnen de kortste keren uitgekotst door je collega’s. Er is een hoge mate van sociale controle in het peloton! De ongeschreven wielerwetten zijn hierbij de leidraad.

Voor een ploegleider moet het angstig zijn het peloton te passeren op een moment dat er enorm gewrongen wordt. Over de volle breedte van de weg rijden er renners en iedereen vecht voor zijn plekje. Moet je als renner dan aan de kant gaan? Ja. Vinden de meeste renners. Maar er zijn er altijd een paar die dat niet vinden, die rustig nog een paar minuten in de weg blijven rijden. Dit zijn de mannen die eerst net doen of ze doof zijn, en als ze de auto er eindelijk langs laten beginnen te schelden of op de auto te slaan. Alsof die man voor zijn plezier door het peloton rijdt! Erger nog zijn de schooiers die de passerende auto gebruiken om een stuk op te schuiven in de groep. De auto toetert, de renners voor hem gaan aan de kant voor de auto maar desbetreffende onverlaat neemt zijn kans waar om langs de groep te sprinten. Schandelijk. Maar het rare is, dat de renner die zo slim is om hetzelfde áchter de auto te doen niets kwalijk word genomen, zelfs in stilte bewonderd wordt om zijn sluwheid.

Een andere ongeschreven wielerwet is dat je een renner die bidons heeft gehaald om zijn ploeggenoten te bevoorraden laat passeren. Zelfs op de meest cruciale momenten in de koers laten bijna alle renners je passeren als je “Service” roept. Maar ook hiervan wordt misbruik gemaakt. Bijna niemand durft het aan om “Service” te roepen zonder bidonnen in zijn achterzak want als je dat doet krijg je de hoon van het peloton over je heen en renners zijn nu eenmaal trotse mensen. Wat je af en toe wel ziet is dat een stiekemerd een bidon uit zijn bidonhouder pakt en hem in zijn achterzak doet, om op die manier makkelijk en zonder imagoschade voorin te komen. Je moet maar durven.

Deze column schreef Karsten in het Dagblad van het Noorden

Terug naar index columns 2008


Wil je reageren, schrijf dan in het gastenboek